Summary
Dutch to Spanish:   more detail...
  1. inspectie:
  2. Wiktionary:


Dutch

Detailed Translations for inspectie from Dutch to Spanish

inspectie:

inspectie [de ~ (v)] nomen

  1. de inspectie (navorsing; onderzoek)
    la investigación; el análisis; el estudio; el examen; la exploración; el control; el test
  2. de inspectie (controle)
    la inspección

Translation Matrix for inspectie:

NounRelated TranslationsOther Translations
análisis inspectie; navorsing; onderzoek analyse; analyseren; check up; ontleden; verkenning
control inspectie; navorsing; onderzoek bedwang; beheer; beheersing; beproeving; bescherming; besturingselement; bewaking; check up; controle; ernstige toetsing; hoede; keuring; mate van bekwaamheid; overzien; proefwerk; repetitie; schuifknop; surveillance; test; toets; toezicht; toezicht houden; verkenning; zeggenschap; zorg
estudio inspectie; navorsing; onderzoek atelier; bestudering; check up; exploratie; plek van werken; studeerkamer; studeervertrek; studio; werkkamer; werkplaats; werkplek
examen inspectie; navorsing; onderzoek bestudering; eindexamen; examen; exploratie; kennisneming; keuring; ondervraging; onderzoek; overhoring; proefwerk; repetitie; scan; schoolexamen; tentamen; test; toets; universitair examen
exploración inspectie; navorsing; onderzoek exploratie; verkenning
inspección controle; inspectie bezichtigen; bezichtiging; controledienst; inzage; kennisneming; keuring; onderhoudsbeurt; visitatie
investigación inspectie; navorsing; onderzoek exploratie; nasporing; navorsing; onderzoek; opsporing; research; speurwerk; traceerwerk; verkenning; visitatie
test inspectie; navorsing; onderzoek check up; proef; tentamen; test; universitair examen
Not SpecifiedRelated TranslationsOther Translations
control besturing

Related Words for "inspectie":

  • inspecties

Wiktionary Translations for inspectie:

inspectie
noun
  1. een grondige en nauwkeurige controle

Cross Translation:
FromToVia
inspectie inspección inspection — the act of examining something, often closely