Summary
Dutch to Spanish:   more detail...
  1. exemplaar:
  2. Wiktionary:


Dutch

Detailed Translations for exemplaar from Dutch to Spanish

exemplaar:

exemplaar [het ~] nomen

  1. het exemplaar
    el ejemplar; el espécimen; la muestra; el monstruo
  2. het exemplaar
    la instancia

Translation Matrix for exemplaar:

NounRelated TranslationsOther Translations
ejemplar exemplaar model; monster; proefje; proeve; specimen; staal; staaltje; voorbeeld
espécimen exemplaar Ferro; ijzer; model; monster; proefje; proeve; specimen; staal; staaltje; voorbeeld
instancia exemplaar interpellatie; vraag
monstruo exemplaar bakbeest; gedrocht; gevaarte; kolos; lelijkerd; misbaksel; model; monster; mormel; ondier; proefje; proeve; specimen; staal; staaltje; voorbeeld; wangedrocht; wanschepsel
muestra exemplaar bewijs; blijk; demonstratie; gebaar; geste; herkenningsteken; laten zien; sample; teken
ModifierRelated TranslationsOther Translations
ejemplar braaf; deugdzaam; lief; modelmatig; voorbeeldig; zoet

Related Words for "exemplaar":

  • exemplaren, exemplaartje, exemplaartjes

Related Definitions for "exemplaar":

  1. afzonderlijk ding waar er meer van zijn1
    • dit is het eerste exemplaar van zijn nieuwe boek1

Wiktionary Translations for exemplaar:


Cross Translation:
FromToVia
exemplaar ítem item — distinct physical object

Related Translations for exemplaar