Dutch

Detailed Translations for verscheidene from Dutch to German

verscheidene:


Translation Matrix for verscheidene:

ModifierRelated TranslationsOther Translations
abwechslungsreiche gevariëerde; verscheidene; verschillende
mehrere ettelijke; meerdere; verscheidene; verschillende ettelijk; verscheiden
unterschiedliche ettelijke; meerdere; verscheidene; verschillende
variierte gevariëerde; verscheidene; verschillende
verschiedenartige ettelijke; meerdere; verscheidene; verschillende
verschiedene ettelijke; meerdere; verscheidene; verschillende ettelijk; verscheiden
vielfältig menige; menigerlei; veelvoudig; velerlei; verscheidene
vielgestaltige gevariëerde; verscheidene; verschillende

Related Words for "verscheidene":


Synonyms for "verscheidene":


Related Definitions for "verscheidene":

  1. tamelijk grote hoeveelheid1
    • ik heb verscheidene mensen gesproken1

Wiktionary Translations for verscheidene:


Cross Translation:
FromToVia
verscheidene mehrere plusieurs — Un certain nombre, un nombre indéfini supérieur à un et le plus souvent à deux.

verscheidene form of verscheiden:

verscheiden adj

  1. verscheiden (ettelijk)

verscheiden [het ~] nomen

  1. het verscheiden (overlijden; dood)
    Sterben; Einbüssen; Einstürzen

verscheiden verb (verscheid, verscheidt, verscheidde, verscheidden, verscheiden)

  1. verscheiden (overlijden; sterven; doodgaan; )
    sterben; hingehen; einschlummern; verscheiden; versterben; hinscheiden; einschlafen; erliegen; abkratzen; entschlafen; dahingehen; fortgehen
    • sterben verb (sterbe, stirbst, stirbt, starb, starbt, gestorben)
    • hingehen verb (gehe hin, gehst hin, geht hin, ging hin, gingt hin, hingegangen)
    • einschlummern verb (schlummere ein, schlummerst ein, schlummert ein, schlummerte ein, schlummertet ein, eingeschlummert)
    • verscheiden verb (verscheide, verscheidet, verschied, verschiedet, verschieden)
    • versterben verb (versterbe, verstirbst, verstirbt, verstarb, verstarbten, verstorben)
    • hinscheiden verb (scheide hin, scheidest hin, scheidet hin, scheidete hin, scheidetet hin, hingescheidet)
    • einschlafen verb (schlafe ein, schläfst ein, schläft ein, schlief ein, schlieft ein, eingeschlafen)
    • erliegen verb (erliege, erliegst, erliegt, erlag, erlagt, erlegen)
    • abkratzen verb (kratze ab, kratzt ab, kratzte ab, kratztet ab, abgekratzt)
    • entschlafen verb (entschlafe, entschläfst, entschläft, entschlief, entschlieft, entschlafen)
    • dahingehen verb (gehe dahin, gehst dahin, geht dahin, ging dahin, gingt dahin, dahingegangen)
    • fortgehen verb (gehe fort, gehst fort, geht fort, ging fort, gingt fort, fortgegangen)

Conjugations for verscheiden:

o.t.t.
  1. verscheid
  2. verscheidt
  3. verscheidt
  4. verscheiden
  5. verscheiden
  6. verscheiden
o.v.t.
  1. verscheidde
  2. verscheidde
  3. verscheidde
  4. verscheidden
  5. verscheidden
  6. verscheidden
v.t.t.
  1. ben verscheiden
  2. bent verscheiden
  3. is verscheiden
  4. zijn verscheiden
  5. zijn verscheiden
  6. zijn verscheiden
v.v.t.
  1. was verscheiden
  2. was verscheiden
  3. was verscheiden
  4. waren verscheiden
  5. waren verscheiden
  6. waren verscheiden
o.t.t.t.
  1. zal verscheiden
  2. zult verscheiden
  3. zal verscheiden
  4. zullen verscheiden
  5. zullen verscheiden
  6. zullen verscheiden
o.v.t.t.
  1. zou verscheiden
  2. zou verscheiden
  3. zou verscheiden
  4. zouden verscheiden
  5. zouden verscheiden
  6. zouden verscheiden
diversen
  1. verscheid!
  2. verscheidt!
  3. verscheiden
  4. verscheidend
1. ik, 2. je/jij, 3. hij/zij/het, 4. we. 5. jullie, 6. zij/ze

Translation Matrix for verscheiden:

NounRelated TranslationsOther Translations
Einbüssen dood; overlijden; verscheiden
Einstürzen dood; overlijden; verscheiden achteruitgang; ineenstorten; ineenstortingen; instorten; instorting; instortingen; inzinking; neervallen
Sterben dood; overlijden; verscheiden sterfgeval; sterfte
VerbRelated TranslationsOther Translations
abkratzen doodgaan; heengaan; inslapen; ontslapen; overlijden; sterven; verscheiden afkrabben; afschrappen; inrukken; opdonderen; ophoepelen; opkrassen; oplazeren; schrapen; schrappen; wegkrabben
dahingehen doodgaan; heengaan; inslapen; ontslapen; overlijden; sterven; verscheiden doodgaan; kapotgaan; omkomen; overlijden; sterven
einschlafen doodgaan; heengaan; inslapen; ontslapen; overlijden; sterven; verscheiden indommelen; indutten; insluimeren; kelderen; wegzakken; zakken
einschlummern doodgaan; heengaan; inslapen; ontslapen; overlijden; sterven; verscheiden indommelen; indutten; insluimeren; kelderen; wegzakken; zakken
entschlafen doodgaan; heengaan; inslapen; ontslapen; overlijden; sterven; verscheiden bezwijken; doodgaan; heengaan; inslapen; kapotgaan; omkomen; overlijden; sneuvelen; sterven; vallen; wegvallen
erliegen doodgaan; heengaan; inslapen; ontslapen; overlijden; sterven; verscheiden afleggen; bezwijken; het onderspit delven; in elkaar storten; ondergaan; te gronde gaan; tenondergaan; zwichten
fortgehen doodgaan; heengaan; inslapen; ontslapen; overlijden; sterven; verscheiden aanhouden; continueren; doorgaan; een stapje verder gaan; heengaan; verdergaan; verlaten; vertrekken; vervolgen; voortgaan; voortzetten
hingehen doodgaan; heengaan; inslapen; ontslapen; overlijden; sterven; verscheiden afsterven; ophouden; sterven; uitsterven
hinscheiden doodgaan; heengaan; inslapen; ontslapen; overlijden; sterven; verscheiden doodgaan; kapotgaan; omkomen; overlijden; sterven
sterben doodgaan; heengaan; inslapen; ontslapen; overlijden; sterven; verscheiden afsterven; besterven; bezwijken; doodgaan; heengaan; hongeren; hongerlijden; inslapen; kapotgaan; omkomen; ophouden; overlijden; sneuvelen; sterven; uitsterven; vallen; verhongeren; verongelukken; verrekken; wegvallen
verscheiden doodgaan; heengaan; inslapen; ontslapen; overlijden; sterven; verscheiden afsterven; doodgaan; kapotgaan; omkomen; ophouden; overlijden; sterven; uitsterven
versterben doodgaan; heengaan; inslapen; ontslapen; overlijden; sterven; verscheiden afsterven; ophouden; sterven; uitsterven
ModifierRelated TranslationsOther Translations
mehrere ettelijk; verscheiden ettelijke; meerdere; verscheidene; verschillende
verschiedene ettelijk; verscheiden ettelijke; meerdere; verscheidene; verschillende

Related Words for "verscheiden":


Wiktionary Translations for verscheiden:


Cross Translation:
FromToVia
verscheiden verschiedene various — an eclectic range of
verscheiden sterben décéder — admin|fr mourir, parler des personnes.
verscheiden Tod; Untergang; Verderbnis mort — arrêt de la vie
verscheiden sterben mourir — Cesser de vivre.