Summary
Dutch to Swedish:   more detail...
  1. teweegbrengen:
  2. Wiktionary:


Dutch

Detailed Translations for teweegbrengen from Dutch to Swedish

teweegbrengen:

teweegbrengen verb (breng teweeg, brengt teweeg, bracht teweeg, brachten teweeg, teweeggebracht)

  1. teweegbrengen (veroorzaken)
    förorsaka
    • förorsaka verb (förorsakar, förorsakade, förorsakat)
  2. teweegbrengen (losmaken)
    åstadkomma; föranleda; få till stånd
    • åstadkomma verb (åstadkommer, åstadkomm, åstadkommit)
    • föranleda verb (föranleder, föranledde, föranlett)
    • få till stånd verb (får till stånd, fick till stånd, fått till stånd)

Conjugations for teweegbrengen:

o.t.t.
  1. breng teweeg
  2. brengt teweeg
  3. brengt teweeg
  4. brengen teweeg
  5. brengen teweeg
  6. brengen teweeg
o.v.t.
  1. bracht teweeg
  2. bracht teweeg
  3. bracht teweeg
  4. brachten teweeg
  5. brachten teweeg
  6. brachten teweeg
v.t.t.
  1. heb teweeggebracht
  2. hebt teweeggebracht
  3. heeft teweeggebracht
  4. hebben teweeggebracht
  5. hebben teweeggebracht
  6. hebben teweeggebracht
v.v.t.
  1. had teweeggebracht
  2. had teweeggebracht
  3. had teweeggebracht
  4. hadden teweeggebracht
  5. hadden teweeggebracht
  6. hadden teweeggebracht
o.t.t.t.
  1. zal teweegbrengen
  2. zult teweegbrengen
  3. zal teweegbrengen
  4. zullen teweegbrengen
  5. zullen teweegbrengen
  6. zullen teweegbrengen
o.v.t.t.
  1. zou teweegbrengen
  2. zou teweegbrengen
  3. zou teweegbrengen
  4. zouden teweegbrengen
  5. zouden teweegbrengen
  6. zouden teweegbrengen
en verder
  1. ben teweeggebracht
  2. bent teweeggebracht
  3. is teweeggebracht
  4. zijn teweeggebracht
  5. zijn teweeggebracht
  6. zijn teweeggebracht
diversen
  1. breng teweeg!
  2. brengt teweeg!
  3. teweeggebracht
  4. teweegbrengend
1. ik, 2. je/jij, 3. hij/zij/het, 4. we. 5. jullie, 6. zij/ze

teweegbrengen [znw.] nomen

  1. teweegbrengen (teweegbrenging; gevolg)
    effekt; medförande

Translation Matrix for teweegbrengen:

NounRelated TranslationsOther Translations
effekt gevolg; teweegbrengen; teweegbrenging aanslag; effect; gevolg; impact; resultaat; uitwerking
medförande gevolg; teweegbrengen; teweegbrenging
VerbRelated TranslationsOther Translations
få till stånd losmaken; teweegbrengen
föranleda losmaken; teweegbrengen induceren; tot stand brengen; voor elkaar krijgen
förorsaka teweegbrengen; veroorzaken aandoen; berokkenen; veroorzaken
åstadkomma losmaken; teweegbrengen accumuleren; bewerkstelligen; realiseren; tot stand brengen; verwerkelijken; verwezenlijken; volvoeren; voor elkaar krijgen; zich ophopen; zich opstapelen

Wiktionary Translations for teweegbrengen:


Cross Translation:
FromToVia
teweegbrengen få fram elicit — To draw out, bring out.
teweegbrengen förorsaka; tala causerêtre cause de ; occasionner, provoquer.
teweegbrengen föranleda; förorsaka; orsaka déterminerfixer les limites de, délimiter précisément.
teweegbrengen föranleda; förorsaka; orsaka procurerfaire obtenir à une personne quelque avantage par son crédit, par ses soins.