Dutch

Detailed Translations for lid from Dutch to French

lid:

lid [het ~] nomen

  1. het lid (lidmaat)
    le membre
  2. het lid (penis; roede; piemel; lul; pik)
    le zizi; le pénis; le membre viril; la bitte; le poteau; le con
  3. het lid (deksel)
    le couvercle
  4. het lid (alinea; paragraaf)
    le paragraphe; l'alinéa; la section
  5. het lid (dimensielid)

Translation Matrix for lid:

NounRelated TranslationsOther Translations
alinéa alinea; lid; paragraaf
bitte lid; lul; penis; piemel; pik; roede
con lid; lul; penis; piemel; pik; roede eikel; etter; etterbak; fielt; geitenbreier; hoerenjong; hond; kaffer; klootzak; kut; kuttenkop; lammeling; lamzak; lanterfanter; lapzwans; leegloper; lijntrekker; loeder; lul; mispunt; naarling; nietsnut; oetlul; pleurislijder; pleurislijer; ploert; rotvent; rotzak; schobbejak; schoelje; schoft; slampamper; slapkous; smeerlap; smiecht; snertvent; sodemieter; stinkerd
couvercle deksel; lid afdekkap; dak; kap; koepel; overdekking; overkapping
membre dimensielid; lid; lidmaat basisbestanddeel; bestanddeel; component; deel; element; fractie; gildenbroeder; ingrediënt; ledemaat; lichaamsdeel; lidmaat; onderdeel; stuk
membre viril lid; lul; penis; piemel; pik; roede
paragraphe alinea; lid; paragraaf alinea
poteau lid; lul; penis; piemel; pik; roede
pénis lid; lul; penis; piemel; pik; roede
section alinea; lid; paragraaf afdeling; basisbestanddeel; bestanddeel; bestuursregio; component; deel; departement; detachement; divisie; doorsnede; doorsnee; echelon; element; fractie; gebied; geleding; gordel; ingrediënt; laag; onderdeel; presentatiesectie; regio; sectie; sectie-indeling; streek; stuk; tak; terrein; territorium; vakgroep; zone
zizi lid; lul; penis; piemel; pik; roede
Not SpecifiedRelated TranslationsOther Translations
membre de dimension dimensielid; lid
ModifierRelated TranslationsOther Translations
con lullig

Related Words for "lid":

  • lidje, lidjes

Related Definitions for "lid":

  1. lichaamsdeel1
    • hij beeft over al zijn leden1
  2. wie bij een bepaalde groep of vereniging hoort1
    • ik ben lid van een voetbalclub1

Wiktionary Translations for lid:

lid
noun
  1. iemand die behoort tot een groep, organisatie of sekte
  2. deel van het lichaam
  3. deel van een insect
  4. deel van de stengel dat zich tussen de twee knopen bevindt
  5. deel van een samengesteld woord
  6. deksel
lid
noun
  1. anatomie|fr organe mâle de copulation et de miction chez les mammifères, certains oiseaux ou d’autres animaux.

Cross Translation:
FromToVia
lid membre member — one who officially belongs to a group
lid membre member — a limb
lid pénis; bite; membre penis — male organ for copulation and urination
lid camarade Genosse — parteioffizielle Anrede in politisch links orientierten Parteien, Vereinen, Gruppierungen und so weiter
lid camarade Genosse — bis 1990 offizielle Anrede in der NVA, der Volkspolizei, des MfS und Ähnlichem in der ehemaligen DDR
lid camarade Genosse — offizielle Anrede in einigen realsozialistischen (ehemalige Sowjetunion, Bulgarien unter anderem) sowie anderen sozialistischen Staaten (China) und in deren bewaffneten Organen
lid membre Mitglied — Person oder Organisation, die einer Gruppe zugehört

Related Translations for lid