Summary
Dutch to French:   more detail...
  1. kit:
  2. kitten:
  3. Wiktionary:


Dutch

Detailed Translations for kit from Dutch to French

kit:

kit [de ~] nomen

  1. de kit (kolenkit; kolenemmer; kolenbak)
    le seau à charbon; le pot; la cuvette; le charbonnier
  2. de kit (lijm; kleefstof; plak; plaksel)
    la colle; l'agglutinant; l'adhésif

Translation Matrix for kit:

NounRelated TranslationsOther Translations
adhésif kit; kleefstof; lijm; plak; plaksel hechtpleister; kleefmiddel; kleefpasta; kleefpleister; plakmiddel; pleister
agglutinant kit; kleefstof; lijm; plak; plaksel
charbonnier kit; kolenbak; kolenemmer; kolenkit kolenbrander; kolenman; kolenschip; kolenschuit
colle kit; kleefstof; lijm; plak; plaksel kleefmiddel; kleefpasta; plakmiddel; stijfsel
cuvette kit; kolenbak; kolenemmer; kolenkit bak; barrel; del; duinpan; duinvallei; emmer; fust; kuip; lampetkan; lampetkom; pot; teil; ton; vat; wasbak; waskom
kit kit; kitartikel
pot kit; kolenbak; kolenemmer; kolenkit borreltje; drinkglas; glaasje; glaasje jenever; glas; glazen pul; kan; kannetje; kookpot; neutje; opkikkertje; pot; schenkkan; schenkkannetje; slokje; tonnetje; vaatje
seau à charbon kit; kolenbak; kolenemmer; kolenkit
Not SpecifiedRelated TranslationsOther Translations
article de kit kit; kitartikel
ModifierRelated TranslationsOther Translations
adhésif klevend

Related Words for "kit":


Wiktionary Translations for kit:

kit
noun
  1. panoplie, fourniment ou attirail. note L'usage de ce terme est critiqué par l'OQLF puisqu'il s'agit d'un calque sur l'anglais ; on devrait plutôt utiliser équipement.

Cross Translation:
FromToVia
kit flic; keuf pig — derogatory slang for police officer

kitten:

kitten verb (kit, kitte, kitten, gekit)

  1. kitten
    coller
    • coller verb (colle, colles, collons, collez, )

Conjugations for kitten:

o.t.t.
  1. kit
  2. kit
  3. kit
  4. kitten
  5. kitten
  6. kitten
o.v.t.
  1. kitte
  2. kitte
  3. kitte
  4. kitten
  5. kitten
  6. kitten
v.t.t.
  1. heb gekit
  2. hebt gekit
  3. heeft gekit
  4. hebben gekit
  5. hebben gekit
  6. hebben gekit
v.v.t.
  1. had gekit
  2. had gekit
  3. had gekit
  4. hadden gekit
  5. hadden gekit
  6. hadden gekit
o.t.t.t.
  1. zal kitten
  2. zult kitten
  3. zal kitten
  4. zullen kitten
  5. zullen kitten
  6. zullen kitten
o.v.t.t.
  1. zou kitten
  2. zou kitten
  3. zou kitten
  4. zouden kitten
  5. zouden kitten
  6. zouden kitten
en verder
  1. is gekit
diversen
  1. kit!
  2. kit!
  3. gekit
  4. kittend
1. ik, 2. je/jij, 3. hij/zij/het, 4. we. 5. jullie, 6. zij/ze

Translation Matrix for kitten:

NounRelated TranslationsOther Translations
coller aanlijmen; aanplakken; lijmen; vastlijmen; vastplakken
VerbRelated TranslationsOther Translations
coller kitten aan elkaar hangen; aan elkaar kleven; aan elkaar plakken; aanbakken; aanbranden; aandrukken; aaneen plakken; aaneenplakken; aankleven; aanlijmen; bevestigen; ergens aan bevestigen; hechten; iets vastkleven; inplakken; kleven; klitten; lijmen; opplakken; plakken; samenplakken; vastdrukken; vasthechten; vastkleven; vastkoeken; vastlijmen; vastmaken; vastplakken; vastzetten

Related Words for "kitten":


Wiktionary Translations for kitten:

kitten
noun
  1. Petit chat

Cross Translation:
FromToVia
kitten étouper; calfeutrer; calfater caulk — to seal joints with caulk
kitten chaton kitten — A young cat