Summary
Dutch to French:   more detail...
  1. bewapening:
  2. Wiktionary:


Dutch

Detailed Translations for bewapening from Dutch to French

bewapening:

bewapening [de ~ (v)] nomen

  1. de bewapening
    le feraillage; l'armement; l'armature; l'équipement
  2. de bewapening
    l'armement

Translation Matrix for bewapening:

NounRelated TranslationsOther Translations
armature bewapening anker; beslag; muuranker
armement bewapening benodigde; bepantsering; monstering; outfit; outillage; uitmonstering; uitrusting; uitzet; versiering; wapentuig
feraillage bewapening
équipement bewapening apparatuur; benodigde; filmmontage; gewaad; kleren; monstering; montage; outfit; outillage; tenue; toerusting; uitmonstering; uitrusting; uitrustingsstuk; uitzet; versiering

Wiktionary Translations for bewapening:

bewapening
noun
  1. het verschaffen van wapens aan iemand

Related Translations for bewapening