Summary
Dutch to Spanish:   more detail...
  1. hoofdkantoor:
  2. Wiktionary:


Dutch

Detailed Translations for hoofdkantoor from Dutch to Spanish

hoofdkantoor:

hoofdkantoor [het ~] nomen

  1. het hoofdkantoor (hoofdzetel; hoofdvestiging; hoofdkwartier)
    la oficina central; la oficina principal; la sede principal; el cuartel general; la casa matriz

Translation Matrix for hoofdkantoor:

NounRelated TranslationsOther Translations
casa matriz hoofdkantoor; hoofdkwartier; hoofdvestiging; hoofdzetel centrale; krachtinstallatie
cuartel general hoofdkantoor; hoofdkwartier; hoofdvestiging; hoofdzetel
oficina central hoofdkantoor; hoofdkwartier; hoofdvestiging; hoofdzetel
oficina principal hoofdkantoor; hoofdkwartier; hoofdvestiging; hoofdzetel centrale; hoofdbureau
sede principal hoofdkantoor; hoofdkwartier; hoofdvestiging; hoofdzetel

Related Words for "hoofdkantoor":

  • hoofdkantoren

Wiktionary Translations for hoofdkantoor:

hoofdkantoor
noun
  1. voornaamste kantoor van een instelling