Dutch

Detailed Translations for stamboom from Dutch to Spanish

stamboom:

stamboom [de ~ (m)] nomen

  1. de stamboom (stamboek; stamregister; geslachtslijst; stamlijst; geslachtsregister)
    el registro genealógico; el árbol genealógico; la genealogía; el libro genealógico; el pedigree; el pedigrí

Translation Matrix for stamboom:

NounRelated TranslationsOther Translations
genealogía geslachtslijst; geslachtsregister; stamboek; stamboom; stamlijst; stamregister familieboek; genealogie
libro genealógico geslachtslijst; geslachtsregister; stamboek; stamboom; stamlijst; stamregister familieboek
pedigree geslachtslijst; geslachtsregister; stamboek; stamboom; stamlijst; stamregister familieboek
pedigrí geslachtslijst; geslachtsregister; stamboek; stamboom; stamlijst; stamregister familieboek
registro genealógico geslachtslijst; geslachtsregister; stamboek; stamboom; stamlijst; stamregister familieboek
árbol genealógico geslachtslijst; geslachtsregister; stamboek; stamboom; stamlijst; stamregister familieboek

Related Words for "stamboom":


Wiktionary Translations for stamboom:

stamboom
noun
  1. 2

Cross Translation:
FromToVia
stamboom genealogía genealogy — the descent of a person, family, or group from an ancestor or ancestors
stamboom genealogía genealogy — a record or table of such descent
stamboom pedigrí pedigree — chart of ancestors
stamboom árbol genealógico Stammbaum — (oft grafische) Darstellung der Nachfahren eines Lebewesens, meist eines Menschen