Summary
Dutch to English:   more detail...
  1. uitschakeling:


Dutch

Detailed Translations for uitschakeling from Dutch to English

uitschakeling:

uitschakeling [de ~ (v)] nomen

  1. de uitschakeling
    the elimination; the liquidation

Translation Matrix for uitschakeling:

NounRelated TranslationsOther Translations
elimination uitschakeling liquidatie; vernietiging
liquidation uitschakeling afschaffing; afwikkeling; executie; liquidatie; liquidatie van een onderneming; moord; opheffing; vernietiging