Summary
Dutch to English:   more detail...
  1. toeverlaat:
  2. Wiktionary:


Dutch

Detailed Translations for toeverlaat from Dutch to English

toeverlaat:

toeverlaat [de ~ (m)] nomen

  1. de toeverlaat (steun; steunpilaar)
    the anchor; the mainstay; the crutch

Translation Matrix for toeverlaat:

NounRelated TranslationsOther Translations
anchor steun; steunpilaar; toeverlaat anker; bladwijzer; muuranker; objectanker
crutch steun; steunpilaar; toeverlaat
mainstay steun; steunpilaar; toeverlaat steunpaal; zuil
VerbRelated TranslationsOther Translations
anchor aanleggen; aanmeren; afmeren; ankeren; meren; vastbinden; vastleggen; vastmaken; vastmeren; verankeren

Wiktionary Translations for toeverlaat:

toeverlaat
noun
  1. term for a helpful, reliable person

Cross Translation:
FromToVia
toeverlaat haven; place of refuge; shelter; sanctuary; retreat; asylum abriTraductions à trier suivant le sens.
toeverlaat help; aid; benefit; assistance aideaction d’apporter son soutien physiquement, verbalement, financièrement ou de tout autre manière.

Related Translations for toeverlaat