Summary
Dutch to English:   more detail...
  1. keep:
  2. kepen:
  3. Wiktionary:


Dutch

Detailed Translations for keep from Dutch to English

keep:

keep [de ~ (m)] nomen

  1. de keep (soort vink)
    the notch; the cartel
  2. de keep (inkerving; inkeping; kerf)
    the notch; the incision; the groove; the cut; the slash; the nick; the gash; the score

Translation Matrix for keep:

NounRelated TranslationsOther Translations
cartel keep; soort vink cartel; inkeping; kartel; syndicaat; trust
cut inkeping; inkerving; keep; kerf bekorting; besnoeiing; besparing; bezuiniging; coupure; inkeping; inkrimping; insnijding; jaap; korting; kostenbesparing; ontering; prijsverlaging; prijsvermindering; reductie; snede; snee; sneetje; snijwond; snijwondje; snit; snoeiing; verkorting; verlaging
gash inkeping; inkerving; keep; kerf barst; gat; groef; hak; houw; houwen; inkeping; insnijding; jaap; japen; kloof; opening; reet; scheur; slag met een scherp werktuig; snede; sneden; snee; split; uitsparing
groove inkeping; inkerving; keep; kerf geul; gleuf; groef; groeve; inkerving; kerfsnede; kier; langwerpige uitholling; opening; sleuf; vaargeul
incision inkeping; inkerving; keep; kerf cesuur; inkeping; insnijding; jaap; snede; snee; sneetje; snijwond; snijwondje
nick inkeping; inkerving; keep; kerf inkerving; kerfsnede
notch inkeping; inkerving; keep; kerf; soort vink gleuf; inkerving; kerfsnede; kier; opening; sleuf
score inkeping; inkerving; keep; kerf gelag; muziekboek; puntentelling; score; tel; tellen
slash inkeping; inkerving; keep; kerf hak; houw; inkeping; insnijding; jaap; slag met een scherp werktuig; slash; snede; snee; split
VerbRelated TranslationsOther Translations
cut aankaarten; aansnijden; aanvoeren; afsnijden; coifferen; doorhakken; doorhouwen; doorklieven; doorknippen; doormidden hakken; een knippend geluid maken; entameren; houtsnijden; in hout schrijven; in tweeën houwen; kappen; kerven; klieven; kloven; knippen; kort knippen; kort maken; korten; op tafel leggen; opperen; opwerpen; prikken; snerpen; snijden; snijwerk maken; steken; steken geven; te berde brengen; ter sprake brengen
groove groeven; inkerven; insnijden
nick achterhouden; achteroverdrukken; afnemen; benemen; creneleren; gappen; inpikken; insnijden; jatten; kapen; leegstelen; ontfutselen; ontnemen; ontvreemden; pikken; plunderen; roven; snaaien; stelen; toeëigenen; verdonkeremanen; verdonkeren; verduisteren; vervreemden; wegfutselen; wegkapen; wegnemen; wegpakken; wegpikken
notch creneleren; een inkeping maken; in hout schrijven; inkepen; inkerven; insnijden; kartelen; kartels krijgen; kepen; kerven
score aantallen afstrepen; creneleren; groeven; inkerven; insnijden; scoren; turven
slash in hout schrijven; kerven
AdjectiveRelated TranslationsOther Translations
cut gekuist; gesneden; zedig gemaakt

Related Words for "keep":


Wiktionary Translations for keep:

keep
noun
  1. such a cut, used for keeping a record

Cross Translation:
FromToVia
keep brambling Bergfink — kleiner, europäischer Singvogel der Art Fringilla montifringilla.
keep notch encocheentaille en forme de coche.
keep brambling pinson du Nord — ornithol|nocat Espèce de petit oiseau passereau chanteur d’Eurasie, pinson ayant la gorge, le haut de la poitrine et les épaules orangées et dont le mâle arbore un plumage nuptial très contrasté comportant du noir, de l’orange et du blanc.
keep slot; chamfer; groove; fluting; rifling rainure — mécanique|fr Petite entaille faite en long sur l’épaisseur d’une pièce mécanique, pour y assembler une autre pièce, ou pour servir à une coulisse.

keep form of kepen:

kepen [de ~] nomen, plural

  1. de kepen
    the scores; the nicks; the notches

kepen verb (keep, keept, keepte, keepten, gekeept)

  1. kepen (inkepen; kerven; een inkeping maken; inkerven)
    to notch; to jag
    • notch verb (notches, notched, notching)
    • jag verb (jags, jagged, jagging)

Conjugations for kepen:

o.t.t.
  1. keep
  2. keept
  3. keept
  4. kepen
  5. kepen
  6. kepen
o.v.t.
  1. keepte
  2. keepte
  3. keepte
  4. keepten
  5. keepten
  6. keepten
v.t.t.
  1. heb gekeept
  2. hebt gekeept
  3. heeft gekeept
  4. hebben gekeept
  5. hebben gekeept
  6. hebben gekeept
v.v.t.
  1. had gekeept
  2. had gekeept
  3. had gekeept
  4. hadden gekeept
  5. hadden gekeept
  6. hadden gekeept
o.t.t.t.
  1. zal kepen
  2. zult kepen
  3. zal kepen
  4. zullen kepen
  5. zullen kepen
  6. zullen kepen
o.v.t.t.
  1. zou kepen
  2. zou kepen
  3. zou kepen
  4. zouden kepen
  5. zouden kepen
  6. zouden kepen
en verder
  1. is gekeept
diversen
  1. keep!
  2. keept!
  3. gekeept
  4. kepend
1. ik, 2. je/jij, 3. hij/zij/het, 4. we. 5. jullie, 6. zij/ze

Translation Matrix for kepen:

NounRelated TranslationsOther Translations
nicks kepen
notch gleuf; inkeping; inkerving; keep; kerf; kerfsnede; kier; opening; sleuf; soort vink
notches kepen
scores kepen
VerbRelated TranslationsOther Translations
jag een inkeping maken; inkepen; inkerven; kepen; kerven tanden; uittanden
notch een inkeping maken; inkepen; inkerven; kepen; kerven creneleren; in hout schrijven; insnijden; kartelen; kartels krijgen; kerven

Related Words for "kepen":


Wiktionary Translations for kepen:

kepen
verb
  1. to record by notches