Summary


French

Detailed Translations for essence from French to Dutch

essence:

essence [la ~] nomen

  1. l'essence (point essentiel)
    de essentie; het midden; de kern
  2. l'essence (pétrole; gaz; carburant)
    de benzine; de motorbrandstof
  3. l'essence (point central; milieu; centre)
    het centrum; het middelpunt; het midden; de kern
  4. l'essence
    wezenlijkste
  5. l'essence
    de benzine
  6. l'essence (noyau; pivot)
    het kernpunt
  7. l'essence (carburant; pétrole; combustible; )
    de brandstoffen; de motorbrandstoffen

Translation Matrix for essence:

NounRelated TranslationsOther Translations
benzine carburant; essence; gaz; pétrole
brandstoffen aliment; aliments; carburant; combustible; combustibles; essence; pétrole
centrum centre; essence; milieu; point central arrondissement; centre; centre de la ville; centre ville; faubourg; milieu; quartier; quartier de la périphérie
essentie essence; point essentiel
kern centre; essence; milieu; point central; point essentiel coeur; noyau
kernpunt essence; noyau; pivot
middelpunt centre; essence; milieu; point central milieu; valeur médiane
midden centre; essence; milieu; point central; point essentiel
motorbrandstof carburant; essence; gaz; pétrole carburant; combustible
motorbrandstoffen aliment; aliments; carburant; combustible; combustibles; essence; pétrole
wezenlijkste essence

Synonyms for "essence":


Wiktionary Translations for essence:

essence
noun
  1. Carburant pour automobiles, issu du pétrole raffiné
  2. Traductions à trier suivant le sens
essence
noun
  1. een aardolieproduct bestaande uit een mengsel van alifatische koolwaterstoffen met een ketenlegte tussen vijf en twaalf dat algemeen in gebruik is als brandstof voor verkeer

Cross Translation:
FromToVia
essence wezen essence — true nature of something
essence benzine gas — fuel
essence naft; benzine gasoline — motor fuel

Related Translations for essence