Summary
Dutch to English:   more detail...
  1. uitsplitsing:
  2. Wiktionary:


Dutch

Detailed Translations for uitsplitsing from Dutch to English

uitsplitsing:

uitsplitsing [de ~ (v)] nomen

  1. de uitsplitsing (sortering; schifting)
    the shifting; the sorting
  2. de uitsplitsing
    the Breakdown
    – A shape in a PivotDiagram, positioned along the connector between a parent PivotDiagram node and the children of that node. 1

Translation Matrix for uitsplitsing:

NounRelated TranslationsOther Translations
Breakdown uitsplitsing
shifting schifting; sortering; uitsplitsing verlegging; verschuiving; verzetting
sorting schifting; sortering; uitsplitsing accumulatie; massa; opeenhoping; ophoping; selecteren; selectie; sorteren; sortering; stel; uitzoeken; verzameling

Wiktionary Translations for uitsplitsing:

uitsplitsing
noun
  1. listing or categorization in great detail